De literatuur van de grote verhalen en de literatuur van de kleine verhalen nemen ons mee naar een wereld waar verschillende schrijvers(sters) hun werkzaamheden verrichten. De moeilijkheid om feit en fictie van elkaar te scheiden is een belangrijke thema in de literatuur. Werkelijkheid is een cruciale kern van literatuur, omdat alle literatuur een relatie heeft met de echte wereld en deze verbeeldt, al mag het de feiten aanpassen voor het verhaal. Werkelijkheid is de basis, de bron en het doel van literatuur, ook al wordt deze door de kunst van het schrijven getransformeerd tot iets ” onwerkelijks ” (fictie).
De democratisering van kennis en literatuur is door de toegankelijkheid van toepassingen zoals websites, blogs en sociale netwerken op internet, enorm toegenomen. Aan de andere kant neemt de invloed van publicaties in gedrukte kranten, boeken en ook televisie af. Digitale media hervormen en completeren traditionele media. Is de macht van online media groter dan van traditionele media? Het gaat er in het medialandschap om wie het succes toekent en dat is voor zowel traditionele als online media de lezer(es).
Literatuur is een verzameling aan kunstvormen waarbij teksten, zowel geschreven als in mondelinge vorm, centraal staan. Literatuureducatie bevordert de literaire competentie, een vorm van geletterdheid, leesbevordering is gericht op leesplezier. Het vergt moed om bepaalde dingen te schrijven, en je kunt daar achteraf spijt van krijgen. Jezelf bloot geven op internet|sociale media is een risico van schrijven. Kies je het veilige midden, dan neem je weinig risico. Zodra je grenzen gaat verkennen, roept dat meer reacties op.
Klassieke literatuur, moderne literatuur en wereld literatuur. Wat vinden de jonge generaties belangrijk? O ja, je hebt ook online literatuur in de brede zin des woords, met of zonder muziek.
Wanneer we s’morgens de hoogste berg
in Woordenland hebben verkent
dalen we af in de sfeer
van poezie en literatuur
waar er tijd is om te schrijven.
Jouw gedicht over onzin
en mijn column over zin
ontmoeten elkaar.
We beginnen samen een reis
door het leven die we beleven
slaan aan de einde van de dag
onze tent op aan de oever van een meer
vlakbij een dorp met de naam toekomst en weleer.
We kijken elkaar lachend aan
nemen een duik in de diepte
van het literaire water?
Enigzins vermoeid en voldaan
na een rondje zwemmen
klauteren we aan wal
drogen ons af met een handdoek
en nemen daarna plaats op de grond
om te genieten van het uitzicht
op het meer en het landschap.
Naarmate de tijd verstrijkt
ontstaat een filosofische vriendschap
we raken in gesprek over de zin
en de onzin van het bestaan
wat af en toe een vorm aanneemt van
de confrontatie tussen haat en liefde.
Met de daarbij horende emoties
laten we onze gedachten de vrije loop
waardoor onze woorden in een
wervelstorm terecht komen
die zijn|haar weerga niet kent
maar uiteindelijk de vrede hervinden.
Als de avond overgaat in de nacht
kijken we omhoog naar de sterren en de maan
stilzwijgend valt de rust op ons neer.
Mijmerend zonder woorden zoeken we iets later
onze onderkomen op, kruipen naar binnen,
kleden ons uit, en gaan liggen op de open slaapzakken
we trekken de ritsen naar boven en leggen
onze hoofden op aarde.
Voordat het bewustzijn
dat wat we hebben mogen ervaren
gaat verwerken in dromen
wensen we elkaar welterusten,
hopelijk tot morgen.
Hebben we 10.000 woorden of meer nodig om een geavanceerd taalniveau te bereiken? Hoort talige poezie lyrisch of fysiek te zijn? Moet een gedicht tot volmaaktheid bewerkt worden en ten dienste staan van een onderwerp? Verenigen we in ons schrijfwerk plezier, waarheid, de rede, realiteit en de verbeelding? Poezie is een kunst op basis van taal. Maar het heeft ook een meer algemene betekenis, het geeft uitdrukking aan een bepaalde gemoedsgesteldheid. Het kan ook gaan om een doorwrocht wereldbeeld, een universum dat haar portaal opent voor de lezers en lezeressen, wat meer is dan iets ” poetisch onderzoeken ” wat je moet doen voor geld en prijs. Wiens geld men krijgt diens woord men spreekt of schrijft?
Inlevingsvermogen en kennis van geschiedenis plus een groot gevoel voor en kennis van taal is belangrijk. Huidskleur heeft hier niets mee te maken. Eenheid in verscheidenheid & inclusiviteit. Literatuur hoeft helemaal geen technische hoogstandje te zijn om het werk goed te doen. Als ik woorden op het digitale platform schrijf ben ik me ervan bewust dat er krachten & machten zijn die mijn schrijfwerk analyseren, om er een waardeoordeel aan te geven of het goed of slecht is. Zijn dit meningen die hun oorsprong vinden vanuit geprivilegieerde geesten die denken dat ze kunnen bepalen wat de literaire werkelijkheid is?
Op het literaire (speel) veld & de periferie is in de eerste plaats literatuurtheorie zelf een mengsel van filosofie, taalkunde, geschiedenis, politieke filosofie en psychologie. In de tweede plaats hebben theoretici vastgesteld dat literaire kenmerken ook een rol spelen in niet-literaire werken, bijvoorbeeld het gebruik van metaforen in geschiedkundige werken. Literatuur zou gedefinieerd kunnen worden als een verzameling teksten die door de smaakmakende gemeenschap als waardevol wordt beschouwd en volgens die gemeenschap bijzondere kenmerken heeft. Wie is die ” smaakmakende gemeenschap? ” Het literaire veld is steeds in beweging (het verandert voortdurend) en is onderling verdeeld. De literaire canon die door de werkzaamheden van het veld tot stand komt verandert gaandeweg. Ook teksten die volgens deze opvatting als ” niet-literair ” moeten worden beschouwd kunnen toch literaire kenmerken vertonen, het onderscheid tussen literatuur en lectuur is immers tamelijk arbitrair.
Taal en letterkunde is de wetenschap die zich bezighoudt met de taal, literatuur, cultuur en geschiedenis van taal. Primaire literatuur is het scheppend werk dat het object van onderzoek van de wetenschapper is. Secundaire literatuur is alles wat over de primaire literatuur geschreven wordt. Tertiare literatuur is een term uit de documentaire wetenschap voor die publicaties die een overzicht geven van bibliografische hulpmiddelen op een bepaald vakgebied. In de taal en letterkunde rekent men deze – samen met wat men elders secundaire literatuur noemt – tot het onafhankelijk instrument van de wetenschapper. Tertiare bronnen vormen een ingedikte ” synthese van de synthese, ” samengesteld op grond van primaire en secundaire bronnen, vaak met expliciete verwijzingen naar die bronnen. Denk daarbij aan woordenboeken, encyclopedieen ( inclusief Wikipedia ) , handleidingen en naslagwerken. Deze bronnen zijn gericht op samenvatting en verbreding van het onderwerp en het aanbrengen van overzicht en context. Volgens Degryse’s Waterfall Metaphor uit 1997, die uitsluitend professionele literatuur in beschouwing neemt, zijn er in totaal vier niveaus. In dit systeem worden standaarden en aanbevelingen voor de praktijk gerangschikt in quaternaire bronnen.